Patrick en Daniëlle

Route

Foto’s

Gastenboek

Alaska 2008

Intro Alaska

REIZENOVERZICHT

Reisverslag

Denali NP - - - Chena Vally - - - Tangle Lakes - - - Valdez - - - Sheep Mountain - - - Kenai Fjords NP - - - Homer - - - Katmai NP

Denali Nationaal Park

24 juni
Vandaag vertrekken we naar Alaska!!!!!!! Maar het duurt even voordat we daar zijn. Het is een heel eind vliegen, het lijkt wel het eind van de wereld. We vliegen in eerste instantie van Brussel naar Londen. Vanuit Londen gaan we naar Vancouver in Canada en daarna vliegen we door naar Anchorage in Alaska. Elke keer duurt het een paar uur voordat je in het vliegtuig zit en daarnaast vlieg je totaal zo'n 14 uur. Omdat in Alaska 10 uur vroeger is, vliegen we continue in daglicht. We zien vanuit de lucht heel België en Groot-Brittannië van London tot Schotland. We hebben vol zicht op IJsland en op de gigantische ijskap van Groenland.
In Vancouver blijkt dat slechts één koffer de bagageband heeft gehaald. Na een uur wachten, concluderen we dat hij niet meer gaat komen. Alaska Airlines zal proberen de koffer na te zenden. De laatste vlucht heeft nog wat vertraging en al met al zijn we 27 uur bezig om op de plaats van bestemming te komen. We vertrokken vanmorgen thuis om 6:00 uur en arriveren en om 23:00 uur checken we in ons hotel in met één koffer. Intussen is het in Nederland 9.00 uur 's morgens de volgende dag.

25 juni
De volgende ochtend vertrekken we richting Denali National Park. Onderweg kijk ik driftig in het rond of ik al wat wild kan spotten. Het lijkt onwaarschijnlijk zo net buiten de stad, maar het kan zomaar hier. Dat blijkt even later.
Ik heb gelezen dat de Hatcherpass een hele mooie weg is, maar moeilijk te rijden omdat het grotendeels gravel is. We besluiten een stukje erover te rijden en we zijn een paar kilometer onderweg en dan ineens drie mooses, een mamamoose en twee jongen (ongeveer geboren in mei). Zomaar aan de kant van de weg. We hebben amper de kans een foto te maken, omdat ze snel het bos in vluchten, maar het eerste wild is gespot.

Even later genieten we van het uitzicht op een besneeuwde bergtop die overal bovenuit steekt. Dit blijkt de Mount McKinley te zijn. De hoogste berg van Amerika. Heel mooi in de verte en heel herkenbaar. We stoppen regelmatig langs de highway om van het uitzicht te genieten en meestal krijgen we de Mount McKinley in beeld. Later bij een parkranger hoor ik dat slechts 30% van de mensen de berg in zijn volle glorie kunnen aanschouwen. De berg is zo hoog in vergelijking met zijn omgeving dat hij een eigen klimaat ontwikkelt, vaak bestaande uit wolken. Aan het eind van de middag zien we de berg inderdaad verdwijnen in een wolkendek terwijl het voor de rest geheel helder is. Sommige mensen zijn meer dan tien keer in Denali NP zijn geweest en hebben de berg nooit gezien, maar de omgeving is ook schitterend zonder deze berg. Er zijn talloze andere bergen en je mist hem niet. Maar zodra je hem ziet, weet je waarom hij zo geliefd is.

Vlak voordat we bij ons hotel (houten cabins) aankomen, zien we nog een moose in het water aan de rand van de snelweg. Patrick zet hem mooi op de foto en we checken in. We eten nog wat en duiken op tijd ons bed in en zetten geen wekker, want we willen effe bijslapen.

26 juni
Uitgeslapen vertrekken we naar het Denali National Park, een beschermd natuurgebied rondom de Mt McKinley. Zodra we het park binnen rijden, ontmoeten we direct weer een moose. In vorige vakanties hebben we zoveel moeite gedaan om mooses, ook wel elanden genoemd, te spotten en hier lijken ze overal te staan.
We mogen de eerste 15 mijl met de eigen auto rijden en dat doen we dan ook. Daarna gaan we een kijkje nemen in het dorpje bij het park. Het is een soort tijdelijk dorp bestaande uit hotels, restaurants, winkeltjes en een tankstation, enkel open van mei tot september. Dit zijn ook de enige maanden in het jaar dat het park open is. De rest van het jaar is het hooguit per sneeuwscooter of sledehond bereikbaar. We eten hier wat en moeten weer even wennen dat veel hier refill is. Je koffie of cola wordt steeds weer aangevuld, maar je betaalt maar één keer.
We willen ook nog wat wandelen, maar helaas hebben we geen wandelschoenen. Deze zitten namelijk in de kwijtgeraakte koffer. Alaska Airlines heeft gezegd dat vandaag de koffer gebracht wordt. Dus gaan we terug naar het hotel en daar wordt even later de koffer bezorgd. Hup, wandelschoenen aan en weer terug naar het park. We besluiten een kleine route te lopen, naar het Horseshoelake, waar bevers zouden zitten. We wandelen richting het meer en zien van verre dat ook hier weer mooses zijn. We besluiten ze wat dichter bij te bezoeken. Het zijn drie volwassen mooses en een kalf. We benaderen ze voorzichtig en blijven op afstand, want we willen mamamoose niet boos maken. Verder zoeken we de bevers, helaas zijn deze niet thuis. Hun beverdam vinden we wel. Een kunstig gemaakt geheel, jammer dat de makers niet aanwezig zijn.

27 juni
De volgende dag staan we vroeg op, want we gaan een tour doen met de shuttlebus. Je mag de met de auto alleen het eerste deel van het park in en voor de rest ben je afhankelijk van het shuttlebussysteem. Je moet een ticket boeken om tot een zelf gekozen punt in het park te komen. Voor de terugrit kun je gewoon op de eerste beste bus stappen in de goede richting, mits er plaats is. We willen richting Wonderlake, bijna aan het eind van de parkroad. Totaal zullen we zo'n 11 uur in de bus zitten, tenzij we besluiten eerder uit te stappen. De weersvoorspellingen zijn best slecht, een hele dag regen. Als we om 4:30 uur opstaan, valt het nog mee. Uiteraard is het al licht, maar gelukkig ook droog.

Het blijkt een erg lange rit te zijn, maar onze moeite wordt beloond. We zien al ergens in het begin een stel jonge vossen met elkaar spelen. Het blijken er vier te zijn en moeder komt ook even te voorschijn. De jonge vosjes zijn vrij egaal roodoranjeachtig. De volwassen vos is wat meer bont, rood, oranje, maar ook zwart. We zien verder op het traject nog meer vossen. Ook bij een stopplaats komt een vosje aanlopen met een squirrel in zijn bek, die hij gauw verstopt en hij laat zich daarna uitgebreid fotograferen.

Uiteraard zien we ook wat klein wild, wat we de dag ervoor ook al hadden gezien. De artic groundsquirrel, een eenkhoorn zonder pluimenstaart, maar met een kort compact staartje. We zien de snowshoe hare, een sneeuwhaas, nu met witte voetjes, maar in de winter helemaal wit.

Op naar het wat grotere wild. We zien in de verte een moose, maar die vinden wij al niet meer zo bijzonder en we worden meer blij van de kariboes, de rendieren van Alaska. Ze hebben een mooi gewei (mannetjes en vrouwtjes), zijn vrijwel altijd een kudde bijeen en ze eten of rennen, meer doen ze eigenlijk niet. Ze hebben dan ook een enorm leefgebied. Verder zien we drie dallsheep, een schaap met mooie, maar vooral grote hoorns, dat gigantisch goed kan klimmen. Ze zitten dan ook hoog op de rotsen. Ikzelf had ze aangezien als sneeuwvlekken, pas met de verrekijker zag ik dat het schapen waren. Deze dieren willen we graag nog een keer dichterbij zien, maar dat zal vandaag niet meer gebeuren.

We rijden weer verder en op een gegeven moment vraagt Patrick wat die bruine vlek is, een steen of een beer. Ik kijk snel met mijn verrekijker en zeg: "een rots". Een volgend moment roept iemand: "een beer" en die had gelijk. Ik had het niet goed gezien. Een grote grizzlybeer, die lekker ligt te slapen. Het ziet er van een afstandje uit alsof iemand zijn teddybeer is verloren. Dan rekt hij zich even uit en gaat weer verder slapen. Een korte tijd later zien we weer beren. Nu een mamabeer met twee jongen. Geweldig om te zien. De jongen spelen met elkaar en rennen in het rond. Moeder houdt alles in de gaten, inclusief de bus en nog wat losse hikers. Onze buschauffeur rijdt de bus een stukje achteruit, omdat hij denkt dat ze daar naar toe zal lopen. Hij heeft gelijk. De berenfamilie komt langzaam naar beneden, naar de weg toe en gaat langs onze bus.

We beginnen aan het laatste stuk richting Wonderlake. We hopen nog wat moois te zien, maar helaas zien we alleen maar regen en muggen. We stappen bij Wonderlake uit. Ik wilde hier eigenlijk een wandeling maken en een volgende bus terugnemen. Echter, het regent een beetje, geen zon te zien en je wordt knettergek van de muggen. We hebben ons met deet ingesmeerd, waardoor ze niet zo dicht bij komen dat ze kunnen steken, maar ze hangen gewoon met z'n honderden zo'n 5 cm voor je ogen, oren, neus enzovoorts. Je gaat hier echt niet voor je plezier wandelen. We besluiten dezelfde bus terug te nemen.

Bij het visitorcentrum halverwege kun je ook wandelen, eventueel met gids. Echter, hier regent het intussen zo hard, dat we daar niet zo'n zin meer in hebben. Je merkt dat iedereen wat moe is geworden en er wordt niet fanatiek meer naar wild gezocht. Als er andere bussen stilstaan, kijken we even waar ze naar kijken en gaan weer verder. Behalve bij de slapende beer, want die is intussen wakker geworden. Het is een mooie grote mannetjes grizzly. Hij is wat rond aan het wandelen en eet ondertussen wat van de struiken. Een schitterend beest om te zien. Hier kom je voor naar Alaska en we krijgen wat we willen.

Het enige wat we vandaag nog graag hadden willen zien is de wolf, maar je kunt niet alles hebben. Alhoewel…. op de terugweg van Denali NP naar ons hotel, zie ik ineens een dier de weg oversteken en de bosjes inschieten. Helaas zie ik zijn kop net niet en alleen zijn lijf en staart. We rijden nog terug, maar zien hem niet meer. Ik zou zweren dat het een wolf is, qua kleur en grootte. Echter, een wolf is meestal niet alleen, dus is er ook een kans dat het coyote is, maar dan wel een grote. Ach, ik hou het op een wolf. Patrick heeft hem niet gezien en stemt in. Een wolf op ons lijstje erbij. Hopelijk krijgen we nog een kans om hem beter te zien.